Dus het is voorjaar
en de stad is vol met mooie meisjes
met T-shirts die te heet gewassen zijn
Het terras is een weiland
Wij zijn het vee dat na een lange winter
eindelijk weer de stal uit mag
Ik zit hier, jij zit daar
ik denk, kijk, wij zijn voor elkaar vannacht
Dus ik zit hier, jij vraagt waar?
Ik zeg, maakt niet uit vannacht
Ieder mens heeft op een dag
Behoefte aan een hand
Die hem in het donker leidt
Naar de overkant
De weg die is soms eenzaam
En de nachten zijn soms koud
En dan zoekt ie naar iemand
Die voor één keer van hem houdt
Laat de maan aan, liefste
want ik wil alles zien
Vannacht praten we braille
Ben ik jouw poëzie
Ik geloof niet in liefde
Niet in zonde, niet in trouw
Ik geloof wel in een kruis
Maar alleen in dat van jou
Er is een bank, er is een stoel
en vooral er is een bed
Dat ze een plaat van Mariah Carey opzet
Maakt mij niet uit
Op de tafel ligt een boek van Lulu Wang
Maar zelfs dat, maar zelfs dat
Maar zelfs dat maakt mij niet bang
Want ik zit hier, jij zit daar
Wij zijn voor elkaar vannacht
Ik ben jou, jij bent mij
Wij zijn hier, hier is nu vannacht
Ieder mens heeft op een dag
Behoefte aan een hand
Die hem in het donker leidt
Naar de overkant
De weg die is soms eenzaam
En de nachten zijn soms koud
En dan zoekt ie naar iemand
Die voor één keer van hem houdt
Laat de maan aan, liefste
Want ik wil alles zien
Vannacht praten we braille
Ben ik jouw poëzie
Ik geloof niet in liefde
Niet in zonde, niet in trouw
Ik geloof wel in een kruis
Maar alleen in dat van jou
Laat vannacht de zondvloed komen
Als in je stoutste dromen
Overstroom, overstroom
Ohohohoh