René

t Arthur Umbgrove
m Arthur Umbgrove / Alberto Klein Goldewijk

andere teksten


Hee René, het is maart en het weer slaat om,
net als toen, weet je nog, wij samen op dat terras
met Bowie en met bier en jij zei dat als je maar echt wil dat dan alles kan
En elke twijfel ging op in de rook van de sjekkies, die jij al draaien kon
en ik na een maandje ook

Hee René en de zon brak door en de ramen gingen open van mijn kamer
driehoog achter in een villawijk in Vught, waar de vrouwen aan de parelketting lagen
of in scheiding, het rook er naar kak en wij waren op zoek naar frisse lucht

Hee René, da's lang geleden jongen, kom jij nog steeds in ons café
Ik zou je best weer eens willen zien, maar ik heb geen tijd,
nou ja, volgende maand misschien

Hee René, zal ik jou eens wat zeggen, ik was jaloers op jou
omdat jij en dat stuk op school altijd de hoofdrol kregen
en ik was altijd ober of portier
En omdat jij ging doen wat ik altijd wilde, maar waar ik veel te schijterig voor was
En toen jij verhuisde naar de grote stad werd ons dorp, René, ineens een gat

En toen, René, ging ik toch worden wat wij nooit wilden zijn
En mijn dromen losten op in de glazen die ik dronk
aan de bar van een studentensocieteit
Altijd door tot het morgenlicht, maar 's middags zo'n kater
en dat beest, René, had jouw gezicht

Hee René en hoe is het nou met jou, ik heb al lang niks van jou gehoord
Ik zou je best weer eens willen zien, maar ik heb geen tijd,
nou ja, volgende maand misschien

Hee René, het is maart en het weer slaat om,
net als toen, weet je nog, wij samen
Nu ik die foto's zie weet ik waarom ik altijd zo bleek zag:
jij stond altijd in mijn zon

Maar elke keer mis ik je weer als het weer omslaat in maart
Als het weer omslaat in maart, als het weer omslaat in maart